Siked!

De Belgische Anak Verhoeven is in vorm en klom twee heel indrukwekkende routes. Tijd om onze sympathieke zuiderbuur aan de tand te voelen over haar prestaties en ontwikkeling!

Je hebt van die klimmers die ondanks hun ijzersterke prestaties een beetje onder de radar blijven, mogelijk door hun eigen bescheidenheid. Na enkele opmerkingen van een mede-klimster – ja ik moest zelf ook even wakker geschud worden – was ik overtuigd: Anak Verhoeven verdient inderdaad onze aandacht! Begin april klom Verhoeven de mogelijk hardste first ascent ooit door een vrouw met Ma belle ma muse (8c+/9a). Kort daarna wist ze in razend tempo de Franse klassieker Le Bronx (8c+) te klimmen, ze had daar slechts drie pogingen voor nodig. Het woord is aan Anak!

 

De druk van het projecten

Voor mijn jaarlijkse klimtrip in het voorjaar overwoog ik om naar Mollans in Frankrijk  te gaan. Daarom contacteerde ik Sébastien Richard, die daar niet ver vandaan woont. Volgens hem waren de routes tot en met 8c daar super, maar vanaf 9a nogal morfologisch. Hij maakte mij enthousiast over een project in Romeyer, een klimgebied in de buurt van Valence. Dus besloot ik om die route een kans te geven.

Het was in verband met dit project dat ik mij voorgenomen had om een route niet alles te laten domineren. Ik wilde het project blijven zien als  ‘een rots met grepen ergens op de wereld’ en niet als een doel dat koste wat kost bereikt moest worden. Onder andere daardoor viel het pogingen doen nogal mee, in vergelijking met routes die ik eerder had geklommen. Ik wist uit ervaring dat een project je zo kan bezighouden dat je volledig onder druk staat. De druk neemt dan hoe langer hoe meer toe en tegelijkertijd wordt het bijna onmogelijk om nog te genieten van het landschap of de rustdagen tussendoor.

Foto: Sébastien Richard

Foto: Sébastien Richard

Voor mij was er eigenlijk niet zo’n groot verschil tussen het proberen van een route waarvan de graad bevestigd is en deze First Ascent. Ik kon vrij snel alle passen en er waren ook al andere klimmers in de route aan het werken. Daardoor wist ik dat het haalbaar was.

 

Bloed op iedere greep

Wat mij het meest parten gespeeld heeft tijdens mijn ervaringen met Ma belle ma muse, is mijn huid. Ik had al vaker pijnlijke vingers gehad, maar zo erg was het nog nooit geweest. Op een gegeven moment liet ik bloedsporen achter op zowat elke greep. Ik klom met kloven in mijn vingers en het waren vooral die wondjes die bepaalden hoeveel pogingen ik kon doen en wanneer ik moest rusten. Mijn vingers verzorgen werd een hele uitdaging. Met tape op mijn vingertoppen kon ik de randjes moeilijker vasthouden, maar tape was wel noodzakelijk als ik wilde verhinderen dat de kloven verder open scheurden. Tijdens één poging ben ik zelfs gevallen omdat mijn rechterpink preventief was getaped. Daardoor schoof mijn pink op een platte knijper een klein beetje weg en dat in combinatie met een twijfeling was genoeg om mij te doen vallen. Ik leerde op welke vingers ik wel of geen tape kon aanbrengen en zo langzamerhand werd ik een heuse specialist vingers tapen. De tape verslond ik met meters per dag!

Het zijn vooral andere klimmers die 9a voorstellen als niveau. Ook Quentin Chastagnier, die de route behaakt heeft, denkt dat het een 9a is, maar ik ben daar niet echt van overtuigd. Ik vermoed dat het eerder 8c+ is of eventueel 8c+/9a. Ook Jean-Elie Crestin Billet stelt 8c+/9a voor als niveau. Hij heeft mij op mijn eerste klimdag in Romeyer zijn bèta uitgelegd en heeft Ma belle ma muse vlak na mij getopt. Ik kijk uit naar wat andere klimmers in de toekomst zullen zeggen over het niveau. Maar of het nu 9a is of niet, ik ben in ieder geval heel dankbaar voor deze speciale ervaring.

 

Zuidwaards!

Nadat Ma belle ma muse gelukt was, ben ik naar Pierrot Beach gegaan, een klimgebied vlak bij Pont-en-Royans. Ook daar is een project waarvan gezegd wordt dat het 9a is en dat net als Ma belle ma muse geopend is door Quentin Chastagnier. Die route is voor gedurende een drietal dagen mijn werkgebied geweest. Een aantal passen waren extreem voor mij, maar de route leek wel haalbaar. Ondanks dat het zwaar was om met dat project bezig te zijn, wilde ik er toch mijn laatste klimdagen aan spenderen. Maar toen werd het weer zo slecht, met mist, kou en een strakke noordenwind, dat het onmogelijk werd om daar nog te klimmen. Dat betekende dat ik twee opties had: naar het noorden gaan (en dus naar huis) of verder rijden naar het zuiden. Ik had nog twee à drie klimdagen over en opnieuw op aanraden van Sébastien Richard besloot ik naar Orgon te gaan om daar Bronx te proberen. Blijkbaar had nog geen enkele vrouw deze historische route geklommen. Dat maakte mij een beetje wantrouwig, want wie weet was er wel een morfologische pas of iets anders van die aard.

Maar al gauw wist ik dat de route wel degelijk haalbaar was. De passen voelden zelfs niet zo moeilijk aan. Het moeilijkste voor mij was om een sprong naar een aflopende rand te maken nadat ik het eerste gedeelte van de route al in mijn armen had. Dat lukte in de derde poging. Het feit dat Bronx voor mij relatief gemakkelijk aanvoelde, kan ermee te maken hebben dat ik mij goed voel in een overhang. Tijdens mijn trainingen doe ik vaak gelijkaardige krachtige bewegingen in een dak. Wanneer een stijl je ligt, kan een bepaalde route minder zwaar aanvoelen dan een andere route van datzelfde niveau, maar van een andere stijl. Ma belle ma muse vond ik persoonlijk wel een heel pak zwaarder dan Bronx.

De eerste keren dat ik de passen van Bronx deed, vond ik de route niet bepaald mooi. Maar hoe meer ik de bewegingen deed, hoe liever ik de route klom. Omdat Bronx bijna een onderdeel van de klimgeschiedenis is, vond ik het verrijkend om deze route te klimmen, ondanks dat zo goed als alle grepen gekapt zijn. Ik denk dat de route ook niet bedoeld was als een pareltje, maar eerder als een trainingsroute. Daarom vind ik het niet echt een probleem dat het een kunstmatige route is. De grepen waren alleszins allemaal heel goed zichtbaar en omdat ik net routes had geklommen met grepen die mijn huid bijna ‘opaten’, vond ik deze grepen best aangenaam!

Foto’s: Sébastien Richard

Over de auteur Bekijk alle berichten Auteur website

Jimmy van Rijn

Startte in 2010 met klimmen en het was liefde op het eerste gezicht. Hij draagt zijn passie voor klimmen graag uit, onder andere als webredacteur van Siked! Houdt van alle klimdisciplines: van boulderen tot multipitchen.