Siked!
Is boulderen de nieuwe fitness?

Van alle takken in de klimsport is boulderen het laagdrempeligst. Je hebt geen maatje nodig die het touw straktrekt als je uit de wand dondert. Klimschoentjes aan, pofzak mee en klimmen met de geit.

En was acht jaar geleden Monk in Eindhoven de enige hal in Nederland die zich puur op boulderen richtte, nu kun je je uitleven in zestien hallen verdeeld over het land. Niet gek dus dat het grote publiek de sport aan het ontdekken is. En dat merk je aan het aantal klimmers in de hal. Is daardoor ook het karakter van de sport aan het veranderen? Wordt boulderen het alternatief voor fitness? Of blijft het toch een typisch publiek trekken?

Nepplanten en proteïneshakes

Ik houd niet van de drukte op prime time in de boulderhal. Rond een uur of acht in de avond is het er gezellig druk. Er staan geen rijen voor de wanden en je hoeft ook je plek niet op te eisen. Maar ik geef toch de voorkeur aan de rustigere tijden van de dag. Niet dat ik de toko voor mezelf wil hebben, want boulderen is een sociale sport bij uitstek. Iedereen wil elkaar helpen, mensen gunnen het elkaar om steeds moeilijkere routes te klimmen en bovendien is de hal niet alleen een sportaccommodatie, maar ook een ontmoetingsplek.

Het valt wel op dat het gestaag drukker wordt. Ik hoor steeds vaker stemmen die vrezen dat het er op termijn niet leuker op gaat worden. In mijn gedachten doemt een beeld op met draaipoortjes bij de ingang, grote spiegels tussen de wanden om terloops je spierontwikkeling te bewonderen, een zithoek met nepplanten, pompende beats uit de boxen en een bar met koffie en proteïneshakes.

Julia Meijer

Er is een steeds grotere groep die boulderen  als leuker alternatief voor de sportschool ziet. Zeg nou zelf: fitness is ook wel een beetje saai gedoe met die gewichten. En je zit jezelf in het zweet te werken op een fiets of roeiapparaat zonder ook maar een meter vooruit te komen.

Een leuk alternatief

Herman Engbers van Cube in Enschede zegt de sport van begin af aan als een alternatief voor fitness gepresenteerd te hebben. Hij zet in op een zo breed mogelijk publiek met boulders die leuk en uitdagend zijn voor klimmers van elk niveau. “Mensen willen succes beleven, iets doen dat er spectaculair uitziet. Of iets dat heel moeilijk lijkt, maar dat misschien niet is.” En toch ervaart hij dat het niet zo gemakkelijk is om een heel nieuw publiek naar de hal te lokken. Boulderen blijkt dan toch een complexe sport die niet makkelijk uit te leggen is; iets dat je vooral zelf moet ervaren.

In het fitnessen van vandaag wordt het steeds meer een trend om fit te worden met andere middelen dan puur Krachttraining. “Boulderen is eigenlijk fitness met je eigen lichaamsgewicht, plus het puzzelelement”, verklaart Max van der Heijden van Block013 in Tilburg.

In die opmerking schuilt de reden dat deze sport een typisch publiek trekt. Het is een complete sport waarbij je niet alleen je lichaam, maar ook je balans traint. En je hebt er vooral ook je koppie bij nodig! Elke route is een probleem waarvoor je een oplossing moet bedenken.

Oud-bondscoach Wouter Jongeneelen beschrijft de klimmer als een slimme en eigenzinnige figuur die nieuwsgierig is en niet bang om zichzelf tegen te komen. “Je gaat letterlijk op je bek. Je kunt je achter niemand verstoppen. En het is iemand die elke soort route mooi vindt om te proberen.” Jongeneelen denkt daarom ook dat het soort publiek niet snel zal veranderen. In de praktijk blijkt dat studenten en hoger opgeleiden zich sneller aangetrokken voelen tot het boulderen. De kracht van de sport is dat de meeste beoefenaars altijd blijven klimmen omdat ze steeds weer opnieuw worden uitgedaagd. “Boulderen brengt je meer dan de sportschool,” zegt Monk-eigenaar Dirk Mol. “Maar het is relatief duur en zal daarom nooit een volkssport worden.”

Tomoa Narasaki

manu cornu WK Parijs

Er is wel een duidelijke verschuiving naar binnen. De old school klimmers waren echte outdoormensen. Zij kwamen binnen trainen voor buiten, want de rotsen waren bij hen favoriet. Maar omdat er nu steeds meer trainingsmogelijkheden zijn voor de jeugd is het boulderen in de hal een sport op zich geworden, meent Wouter Jongeneelen; alhoewel de wedstrijdklimmers wel vaak nieuwsgierig zijn naar het klimmen in de buitenlucht. Maar het merendeel van de nieuwe generatie heeft daar geen interesse in.

Iets anders

Misschien krijgt de klimsport ook nog een boost nu bekend is geworden dat het over vier jaar een Olympische demonstratiesport is. De haleigenaren geven aan dat ze er wel eens op aangesproken worden, dus het is niet onopgemerkt gebleven bij het grotere publiek. “Als je vermeldt dat het klimmen Olympisch wordt, snappen de mensen ook dat het een serieuze sport is”, meent Jongeneelen, die onlangs boulderhal Bruut opende in Breda. Hij vindt het belangrijk dat klimmen geen ‘activiteit’ wordt, zoals een kinderfeestje of bedrijfsuitje.

Siked deed eerder ook al rondvraag naar de rol van concurrentie in boulderland.

Of de sfeer in de hal verandert, ligt ook aan elementen zoals de muziek en de aankleding. Dat wordt voor een groot gedeelte bepaald door degenen die de hal bestieren. En dat zijn allemaal mensen uit het klimwereldje. Dirk Mol is ervan overtuigd dat als je een consistent verhaal vertelt, de mensen zelf wel aanvoelen of de sport iets voor hen is. Dat werkt dan als een natuurlijk filtersysteem.

Het zal wel gestaag drukker worden in de hal. Maar na mijn gesprekken met die vier haleigenaren geloof ik niet dat het karakter van de sport veel zal veranderen of dat het echt die leuke variant op fitness zal worden.

“Als hal-eigenaar vind je het mooi als de sport groeit,” besluit Wouter Jongeneelen. “Maar de diehard klimmer in mij vindt het ergens ook wel tof dat ik iets doe wat anderen niet doen.”

Petra Klingler


Behalve de coverfoto zijn alle foto’s door Bram Berkien gemaakt.

Over de auteur Bekijk alle berichten Auteur website

Stefan Cornelis

Stefan heeft twee passies: schrijven en boulderen. Voor de kunst van het woordrijgen heeft hij ontegenzeglijk talent. Als klimmer zal hij waarschijnlijk nooit Die Niederländische Jan Hojer worden. Maar de wand roept, als een verslaving. En met flappers en getapete vingers kun je prima typen.