Siked!
Killian Fischhuber

Het is honderdtwintig jaar geleden dat Athene het eerste toneel was voor de moderne Olympische Spelen. Om de betekenis van het woord ‘modern’ eer aan te blijven doen zijn er door de jaren heen sporten geschrapt en nieuwe toegevoegd.

Maar de oorspronkelijke gedachte achter de Spelen van geestelijk vader Pierre de Coubertin is nog steeds dezelfde: “Het belangrijke in het leven is niet de triomf, maar de strijd. Het essentiële is niet om te hebben gewonnen, maar om goed te hebben gestreden.” Ondanks die mooie gedachte is voor de huidige generatie atleten het winnen van die gouden plak een levensdoel geworden waar alles voor moet wijken.

Sportieve vernieuwers

Terwijl in Rio de vlam nog maar net gedoofd is en de laatste sporters nog hun glorie vieren of teleurstelling verwerken, blijft het evenement zich vernieuwen. Tokio kiest als volgende gaststad voor meer power, snelheid en actie. En dus liggen er over vier jaar drie stukken eremetaal te wachten op de beste all round-klimmers. Maar past een lead-speed-bouldercompetitie eigenlijk wel tussen die lange rij sporten waarin het vierjaarlijkse goud het hoogst haalbare is?




Elke sport heeft een competitievorm waarin een of meer van de volgende elementen zorgen voor een winnaar: je neemt het op tegen een directe tegenstander, je strijdt tegen de klok, je voert een van te voren bedachte serie bewegingen uit. Elk element en elke techniek kun je in je voorbereiding uitvoerig trainen. Bij speedklimmen strijd je tegen elkaar en op snelheid. Lead en boulderen zijn de sportieve vernieuwers.

bram-berkien-megan-mascarenas-munchen

Elke route is een puzzel die de klimmer ter plekke moet zien op te lossen. Met kracht, techniek en uithoudingsvermogen alleen kom je er niet. Het zijn eigenlijk ook denksporten. Elke nieuwe route is weer een onverwachte uitdaging. Als een route je niet ligt, moet je dat kunnen accepteren; streep eronder en door naar de volgende. Dat maakt dat klimmers atleten zijn met een andere topsportmentaliteit. Als reguliere topatleten de torenhoge verwachtingen niet waarmaken wringt de ijzeren hand van de teleurstelling vaak stevige uitspraken uit hun monden. Die woorden vertellen veel over het verschil tussen hen en de wereldtoppers op de klimwand.

Een andere mentaliteit

Donderdag 11 augustus was voor judoka Henk Grol al jaren de enige dag van betekenis op zijn kalender. Maar in de tweede ronde was er een Fransman, niet bepaald de eerste de beste kabouter, die zijn olympische droom voorgoed in puin trapte. Grol spuwde zijn niet mis te verstane woorden in de microfoon van de tv-verslaggever: “Het is gewoon klaar. De olympische droom is over.” En daarna: “Ik voel me gewoon klote. Ik heb hier mijn hele leven aan gegeven. De afgelopen 15 jaar heb ik hier dag en nacht voor geleefd. Dat is gewoon klaar, dat ga ik ook nooit meer doen.” Veel sportliefhebbers zullen terecht grote waardering hebben voor de manier waarop deze topper voor zijn sport heeft geleefd. Maar zou een Janja Garnbret, Adam Ondra of Jorg Verhoeven zoiets zeggen nadat ze de finale in Tokio gemist hebben?




In het zwembad van Rio had sportminnend Nederland toch zeker op een paar plakken gerekend. Alhoewel de Nederlandse zwemploeg in de voorbereiding niets aan het toeval had overgelaten, konden ze in het Braziliaanse chloorwater geen enkele medaille veroveren. De anders zo taaie Ranomi Kromowidjojo kon na haar laatste race in het 50-meterbad van de Zuid Amerikaanse metropool haar tranen niet meer binnenhouden. En Femke Heemskerk vertelde in het programma Studio Olympic Park van de NOS dat ze voor haar gevoel gezwommen had als Max Verstappen in een Lada.

Hun dagelijks leven was de afgelopen jaren volledig afgestemd op presteren in het zwembad. Niet dat ze niets leuks wilden doen, maar feestjes en uitgaan paste niet in het trainingsschema van deze topsporters. Na het teleurstellende verloop van hun Spelen kregen beide dames dezelfde vraag op hun bordje: “En nu, ga je door?” De belangrijkste elementen in hun antwoorden waren ‘het ligt eraan’ en ‘weer motivatie kunnen vinden’. Zou een topklimmer na een teleurstellend verlopen olympisch toernooi op een vergelijkbare manier reageren? Of stop je nooit met deze sport, omdat het simpelweg een onderdeel is van je leven, omdat er altijd nieuwe uitdagingen in het verschiet liggen?

bram-berkien-07

En dan was er het polsstokhoogspringen onder het toeziend oog van die immense betonnen Christus. Alleen een Fransman kon zijn Braziliaanse collega nog van het goud afhouden. Om hun landgenoot te steunen schreeuwde het publiek de goddelijke kanarie over de lat heen. Maar toen de Fransman aan zijn laatste poging begon werd hij keihard uitgefloten. Kun je je voorstellen dat in Tokio de laatste concurrent zowat de wand wordt uitgejouwd door het publiek omdat een Japanner op goudkoers ligt? In vier jaar tijd kan er natuurlijk veel veranderen. Maar zoals de klimsport nu beleefd wordt, ademt het respect; respect van de atleten voor elkaar en wederzijds respect tussen het publiek en de klimmers.

Het extra gouden randje

Bij klimmen hoort een andere sportbeleving dan de spartaanse levensstijl van topatleten voor wie olympisch goud het hoogst haalbare is. Een klimmer leeft ook dag en nacht voor zijn sport en dat zal hij altijd blijven doen. Want je grenzen verleggen op de wand, waar ook ter wereld, is onderdeel van het leven. Dat is voor een klimmer net zo belangrijk als eten, drinken en ademen. Klimmen is een gezonde verslaving en een sport waarin je jezelf blijft uitdagen, in de hal en buiten op de mooiste plekken van de aardbol. Het is een deel van je leven waar je samen nog het meeste van geniet. Daarom is de klimsport een aanwinst voor een van de grootste sportevenementen ter wereld. Lead, speed en boulderen geven de olympische gedachte een extra gouden randje.

Lees hier meer over Tokyo 2020

olympische spelen 2020

Het Sloveense team is duidelijk klaar voor 2020.


Foto’s: Bram Berkien

Over de auteur Bekijk alle berichten Auteur website

Stefan Cornelis

Stefan heeft twee passies: schrijven en boulderen. Voor de kunst van het woordrijgen heeft hij ontegenzeglijk talent. Als klimmer zal hij waarschijnlijk nooit Die Niederländische Jan Hojer worden. Maar de wand roept, als een verslaving. En met flappers en getapete vingers kun je prima typen.