Siked!
Roman van der Werf

Veel klimmers kunnen slechts dromen van de mythische “acht” en zijn dolblij als ze er ééntje kimmen. Roman van der Werf had zichzelf echter een hoger doel gesteld: dit voorjaar topte de klimmer zijn driehonderste route in de achtste graad! Hoog tijd dus om even bij te praten. 

300

Meer dan 300 achten staan inmiddels op jouw lijstje. Weet je jouw eerste nog?

Ja dat weet ik nog wel. Mijn eerste 8a heet Kabuki in Valle d’Aosta, Italië. Het was in het gebied Tetto di Sarre. Een oud gebied waar de grepen veelal geboord zijn. Steil en fysiek. Een gebied waar ik nu niet meer naartoe zou  gaan vanwege het feit dat alles geboord is. Dit was in 1998. Dus al best een tijd terug.

Was het een doel om de 300 te halen?

Ja. Ergens op een klimtrip heb ik dit als doel verzonnen. Gewoon voor de fun; het leek me leuk om veel achten bij elkaar te sparen. Maar het was geen serieus doel in die zin dat ik koste wat kost dit aantal wilde halen.

Kijk, ik klim gewoon veel en toevallig heb ik de mogelijkheid om ook hard te klimmen. Dit maakt het dan ook logisch dat ik relatief veel achten heb geklommen. Ik mag graag een beetje pijn lijden tijdens het klimmen en doe mijn best aan de rots. Zo kom je al snel uit bij de wat moeilijkere routes van een gebied.

Lees ook: Zeno Schaekers klimt in de Frankenjura zijn eerste 8b

Get psyched mix

Als je een get psyched mix moet maken van de beste achten ooit, welke moeten er dan zeker op komen te staan?

Even denken hoor. De beste achten ooit? Hiervoor heb ik wel even op mijn lijstje moeten kijken, want er zijn zoveel routes die ik hier op zou kunnen noemen.

Stone Love (10+, 8b+) van Jerry Moffat in de Frankenjura: kort, mega hard op de vingers en ultra klassiek. Het was voor mij heel bijzonder dat ik deze route kon klimmen. Ook omdat ik deze route ergens in 2003 lang als project had en pas later (in 2012) weer  serieus ging proberen. Het is gewoon een mooie route – kort met knalharde en mooie bewegingen.

Space Invader (10+/11-, 8c) in de Frankenjura. Niet mijn mooiste 8 maar wel mijn eerste echte 8c en een route waar ik altijd een bijzonder gevoel bij heb als ik aan de beklimming terugdenk.

The Kings of Metal (8a+) in Rodellar. Ergens in 2003 en 2004 heb ik veel tijd doorgebracht in Spanje en deze route is er een die mij altijd is bijgebleven. Super mooi en lang.

Slimline (10-, 8a) in de Frankenjura. Dit is echt een prachtige route en het is ook een soort van mijn eerste 8a on sight. Ik stapte deze route in met het idee dat ik hem zou gaan uitwerken. Voordat de route echt begint kon ik een greep niet vinden en iemand op de grond zei daar wat over. Al pratend hobbelde ik door de route totdat ik doorhad dat ik de route ook uit kon klimmen. Dus dat deed ik toen.

Onsight? Flash? Ik geef daar eigenlijk helemaal niets meer om. Wel kan ik me nog erg druk maken over ethiek.. Soms iets te veel. Zo heb ik wel eens routes voor een derde maal gedaan omdat ik vond dat ik de route niet op de juiste manier had geklommen. Of ik heb routes niet meegeteld in mijn lijst omdat ik dan vond dat een no hands rest niet thuishoorde in de route…

Ok, ik dwaal af. Slimline, echt een hele mooie 8a en op dezelfde wand als Action Direct.




Anabolica (8a) in Siurana. Niet per se de mooiste route, maar voor mij wel bijzonder. Op mijn eerste lange klimtrip klom ik deze route als eerste. Ook bijzonder omdat deze route behaakt is door Jan Martin Roelofs en Ad van der Horst, twee Nederlandse klimmers van het eerste uur. Het gevoel wat ik aan deze route heb overgehouden is bijzonder, dus vandaar op de lijst.

Center Court (10-, 8a+). Wederom een klassieke route in de Frankenjura geopend door Wolfgang Güllich (net zoals Slimline). Echt super mooi, technisch en hard op de vingers.

God’s Own Stone (8b+) in de Red River Gorges (Verenigde Staten, red.). Een mooie route op een super mooie wand. Als je al die lijnen daar ziet, wil je gewoon alles klimmen. Ik moet echt een keer terug!

Powerplay (11-) in de Frankenjura. Over deze route heb ik wel even gedaan. Echt een heel bijzondere route en voor mij ook erg lastig omdat ik voor deze route beter wat langer had kunnen zijn.

Chicken Run (9+/10-, 8a) in de Frankenjura. Onlangs heeft een vriendin van mij (Roelien van de Vrie) deze route ook gedaan. Echt heel fraai. Verticaal tot licht overhangend, technisch, kleine grepen. Gewoon super mooi. Het was een lange tijd geleden dat ik zo’n indrukwekkende route had geklommen.

Härte (10, 8b) in de Frankenjura. Een route van Mylan Sykora; een juweeltje. Wie bekend is in de Frankenjura weet dat de routes van Mylan Sykora doorgaans allemaal juweeltjes zijn. Zover ik weet is hij ook diegene die Action Direct heeft gevonden, inboorde en het project aan Wolfgang Güllich gaf, die hem uiteindelijk als eerste 11 ter wereld opende.

“Ik blijf gemotiveerd om te klimmen omdat ik van klimmen houd. Simpel als dat.”

Thuis in de Frankenjura

Voor veel mensen geldt ‘de acht’ als een magische graad. Was dit bij jou ook zo? En blijft ‘de acht’ nog bijzonder als je er meer dan 300 hebt geklommen?

Ik snap dat bepaalde maatstaven bijzonder kunnen zijn, wellicht was dit ook zo voor mij. Of misschien is dat nog steeds zo tot op bepaalde hoogte. In het verleden was ik bezig met nummertjes jagen. Tegenwoordig vind ik het belangrijker dat een route “magisch” klimt. Of dit nu 7a is of 8c+. Het gaat voor mij voornamelijk om het gevoel dat ik van een route krijg, ongeacht of ik deze route kan klimmen of niet.

De moeilijkheid speelt in zoverre een rol dat ik er van houd om mijn grenzen op te zoeken. Logischerwijs gaat dat beter in routes die zich op de grens van mijn kunnen bevinden. Begrijp me niet verkeerd; ik heb nog steeds doelen in relatie tot moeilijkheidsgraden. Ik til er alleen veel minder zwaar aan in vergelijking tot 15 of 20 jaar terug.

Waar ik mij over kan verbazen is de prestatiegerichte maatschappij waarin wij allen leven. Veel draait om presteren en beter zijn dan een ander. Voldoe je niet, dan is er altijd wel sprake van uitsluiting, in meer of mindere mate. De klimwereld is een wat vrijere wereld in dat opzicht maar door het groter worden van de klimsport zie ik ook de oppervlakkigheid toenemen.

Het is goed als mensen een “magische” graad opzoeken, dat kan ik eigenlijk alleen maar toejuichen, maar het moet niet een doel op zich worden.

Je klimt veel in de Frankenjura. Heb je daar ook jouw meeste harde routes geklommen?

Jazeker. Als je puur naar mijn maximale cijfertje kijkt (8c), dan kun je de conclusie trekken dat ik al 15 jaar geen progressie meer maak. Echter, ik ben zoveel sterker dan 10 jaar geleden. Als ik nu terugkijk op al mijn moeilijke beklimmingen ben ik zoveel vooruit gegaan.

Ik kies ervoor om in een “relatief” moeilijk en “ondankbaar” gebied mijn projecten uit te zoeken. Ook al ligt de klimstijl mij. Ik vind het klimmen hier doorgaans hard en niet vergevinggezind. Dit in vergelijking tot gebieden in Spanje of Frankrijk, waar het in de moderne gebieden voornamelijk draait om uithouding en lang kunnen vasthouden. In die  stijl heb ik overigens ook zat geklommen.

Wat maakt dit Duitse klimgebied voor jou zo speciaal?

Het is thuis. De stijl van de routes, de klimhistorie en de omgeving. Zoals ik al zei, ik ben daar thuis. Er is geen ander gebied dat mij hetzelfde gevoel geeft.

Roman van der Werf

Roman in Raubritter 10+/11- (foto: Tom Thudium)

Motivatie

Je klimt al lange tijd aan de Nederlandse top. Hoe heb je het niveau zo lang vast kunnen houden?

Ik voel mij geen topklimmer, nee sterker nog: ik vind dat mijn klimmen niets met topklimmen te maken heeft.

Uiteraard weet ik dat ik hard kan klimmen voor Nederlandse begrippen, maar zet mijn prestaties eens af tegen alle sterke klimmers uit de Frankenjura dan ben ik een van de velen. Niets bijzonders aan, behalve dan het feit dat ik heel veel routes daar heb geklommen en een zeer sterke commitment heb voor het klimmen daar. Maar top, nee. Wellicht ben ik te streng voor mijzelf…




Wat betreft training. Dat is een lastige. Op dit moment zit ik op een klus voor mijn werkgever Astare (dienstverlener in de GGZ, red.) en dat is best druk, maar maakt mij ook gelukkig. Desondanks klim ik relatief veel buiten en probeer ik weer wat gestructureerder te trainen. Iets wat ik al jaren niet meer gedaan heb.

Op een goed moment klom ik gewoon veel en dat was het. Hierbij komt ook dat ik al een paar jaar met een psychische ziekte vecht, wat ervoor zorgt dat ik soms slecht in staat ben om hard te trainen of te klimmen.

Werken in de psychiatrie, soms in de klimbranche en mijn eigen psychische kwetsbaarheid maken het een complex geheel. Ik zou graag meer voor het klimmen willen gaan. Ik heb wel wat ideeën hierover, maar de tijd zal leren of het loopt zoals ik wil.

Ik blijf gemotiveerd om te klimmen omdat ik van klimmen houd. Simpel als dat.

Wat staat er nu op de agenda? Een 9a? Of ga je voor de 500?

Geen van beiden. Ik zie wel wat er gebeurt in mijn leven. Vorig jaar was ik heel dichtbij een 11-/11. Ik viel er op de laatste moeilijke pas uit. Iets later vond ik een veel makkelijkere methode. Een maand later ging ik dus gemotiveerd terug naar deze route en toen trok ik er een cruciale greep uit waardoor de crux compleet veranderde. Balen! Hierna heb ik nog wel alle passen gemaakt, maar zoals ik het in Franse waardering zou zeggen: “Het is nu echt 8c+”.

Over de auteur Bekijk alle berichten Auteur website

Paul Kaufman

Hoofdredacteur en mede-oprichter van Siked! Deze taaltechneut eet gewoonlijk keien als ontbijt, maar gooit eigenlijk net zo lief een touwtje uit. Naast klimmen en boulderen doet Paul vooral aan klimmen en boulderen.